Home >   Het blad Psoriasis >   Artikelen uit Psoriasis >   pesten >  

Pesten  (2 artikelen)


Door Nicole Paehlig

Kom in actie tegen pestkoppen

Kinderen met psoriasis lopen extra risico om het slachtoffer te worden van pestkoppen, domweg omdat zij “anders” zijn. Want dat is wat gepeste kinderen met elkaar gemeen hebben: zij zijn anders dan de groep. Gelukkig is er wat tegen pesten te doen.

Een tijdje geleden ontmoetten twee oud-klasgenoten elkaar in De Reünie, een televisieprogramma van de KRO. De één werd vroeger gepest, de ander was de pestkop. Terwijl de camera draaide, gingen zij met elkaar in gesprek. Wat bleek? Het gepeste kind van toen had een flinke deuk in zijn zelfvertrouwen opgelopen en ging daar nog steeds onder gebukt. En de pestkop? Die kon zich niet eens meer herinneren dat hij vroeger niet zo’n aardige klasgenoot was!

Het moge duidelijk zijn: de invloed van pesten reikt veel verder dan de kindertijd. Eenmaal volwassen blijft het gepeste kind vaak kampen met een gebrek aan zelfvertrouwen. Daarom is het zo belangrijk om tijdig in te grijpen.

 

Projecten tegen pesten

Met verschillende projecten op scholen komt de Landelijke StichtingTegenZinloosGeweld (LSTZG, zie kader) in actie tegen pesten. Sinds 2005 bestaat de antipestcampagne, die inmiddels uit zeventien posters bestaat, elk met een ander thema. Leraren kunnen iedere keer een ander thema behandelen in de klas. Daarvoor heeft de stichting ook begeleidend materiaal ontwikkeld. Simone van Oosten van de stichting: ‘Dit jaar hebben vierduizend van de in totaal zevenduizend Nederlandse basisscholen de posters aangevraagd. Bovendien is de campagne dit jaar uitgebreid met een oudertraining, bedoeld om ouders bij het pestprobleem te betrekken. De oudertraining wordt in twee avonden gegeven. Ouders krijgen onder meer handreikingen om hun gepeste kind te helpen. Dat begint met goed luisteren. Sommige ouders wuiven het weg als een kind zegt dat het gepest wordt. Zo van: maak je niet druk. Maar als een kind aangeeft dat het gepest wordt, dan is dat zo. Je moet het kind serieus nemen.’ Van Oosten vervolgt: ‘Kenmerkende symptomen van gepeste kinderen zijn buikpijn, hoofdpijn en depressies. Ook willen deze kinderen, logischerwijs, vaak niet meer naar school. En heel jonge kinderen gaan vaak weer bedplassen, terwijl ze al zindelijk waren.’ De training is ook bedoeld voor ouders wier kinderen niet gepest worden of van wie dit niet duidelijk is. ‘Ouders krijgen inzicht in de verschillende vormen van pesten. Er worden rollenspellen gespeeld en ouders krijgen te horen hoe ze kunnen achterhalen of hun kind gepest wordt of misschien zelf tot de pestkoppen behoort. Doelstelling is ook om de eigen gepeste kinderen te stimuleren om op te treden.’

Een ander project van de stichting is KidsTegenGeweld, waarmee kinderen van zeven tot en met veertien jaar worden opgeroepen om zelf op te treden tegen pesten, agressie en geweld in hun directe omgeving, liefst in teamverband. Filosofie achter het project is kinderen op te laten groeien met het besef dat pesten, agressie en zinloos geweld niet normaal zijn.


Anders zijn

Is er iets wat kinderen die gepest worden gemeenschappelijk hebben? Van Oosten: ‘Eigenlijk niet. Het kan iedereen overkomen. De enige gemeenschappelijke factor is dat deze kinderen iets hebben wat anders is dan bij de groep. Dat kan van alles zijn: haar, kleding, gedrag, noem maar op.’ Ook door een huidaandoening als psoriasis kunnen kinderen als “anders” worden beschouwd door hun klasgenootjes.

Pesten komt vooral op jonge leeftijd voor. De Landelijke StichtingTegenZinloosGeweld richt zich vooral op de bovenbouw (groep 5 tot en met 8) van de lagere school en de onderbouw (klas 1 en 2) van de middelbare school. ‘Vanaf groep 5 van de lagere school gaan kinderen anderen opmerken,’ verklaart Van Oosten. ‘Ze gaan zich vergelijken met anderen en zien dan dat iemand anders is. Als de school niet ingrijpt, kan dat uitlopen op langdurig pesten. Op de bovenbouw van de middelbare school slaat het pesten vaak om in het pesten van de leraar.’


Ingrijpen door school

‘Als een kind gepest wordt, is het belangrijk dat de school of leraar zo snel mogelijk ingrijpt,’ aldus Van Oosten. ‘Er zijn allerlei methodes om pesten aan te pakken op school. Veel scholen hanteren een pestprotocol. Vaak wordt dit protocol samen met de leerlingen opgesteld, zodat iedereen erachter staat. Sowieso nemen de leerlingen kennis van de inhoud en ondertekenen zij het protocol. Als er dan toch gepest wordt, kunnen leraren teruggrijpen naar de opgestelde regels. Ieder schooljaar wordt er opnieuw stilgestaan bij het protocol en wordt het opnieuw getekend.

‘Er is ook een landelijke methode voorhanden, Leefstijl geheten. Er staat in hoe er op school met elkaar omgegaan wordt, wat de normen en waarden zijn. De aanpak van pesten is er ook in verweven. Deze methode is bij Leefstijl aan te vragen (via www.leefstijl.nl, red.). Verder kan natuurlijk gebruik worden gemaakt van onze antipestcampagne.’

 

Weerbaarheidstraining

Leraren kunnen ook voortijdig ingrijpen. Als zij aan zien komen dat een kind gepest gaat worden, kunnen ze het op weerbaarheidstraining doen. Kinderen leren dan op een passende manier op te komen voor zichzelf als zij te maken krijgen metgrensoverschrijdend gedrag. Een grotere weerbaarheid kan machtsmisbruik of geweldservaringen voorkomen. 'Niet dat ene kind maar de hele klas moet dan op weerbaarheidstraining,’ vertelt Van Oosten, ‘anders zonder je dat ene kind af en dat is juist wat je niet wilt.’

Voorbeeld van een weerbaarheidstraining zijn de Marietje Kessels-projecten.
Zie
www.weerbaarheid.nu/trainingen.

 

Praktische tips

Het belangrijkste wat een gepest kind kan doen, is het aan iemand vertellen. De ouders, leraar, een vriendje of vriendin. Daarna moet de leraar in actie komen om ervoor te zorgen dat het pesten niet voortduurt. Van Oosten: ‘Een tip is ook om een spreekbeurt over het pesten te houden. Daar is veel lef voor nodig, maar het helpt wel. Het maakt veel indruk op klasgenoten. Bij onze stichting zijn standaardspreekbeurtpakketten verkrijgbaar.’

Kinderen die gepest worden vanwege hun psoriasis, kunnen ook een spreekbeurt over hun huidaandoening geven.

Meer tips tegen pesten zijn te vinden op

www.kidstegengeweld.nl

 

LSTZG

In 1997 richtte Bart Wisbrun deLandelijke StichtingTegenZinloosGeweld () op. Aanleiding was de moord op Meindert Tjoelker in Leeuwarden, slachtoffer van zinloos geweld. Nederland was geschokt, de kranten stonden er bol van, en besloten werd om met z’n allen een minuut stil te zijn. Een mooi gebaar, maar een paar dagen later ging het leven weer zijn gewone gang, alsof er niets gebeurd was. Totdat er een volgend slachtoffer van zinloos geweld zou vallen. 

De LSTZG wil continu een signaal afgeven tegen geweld. In een paar jaar tijd groeide de stichting uit tot een landelijke organisatie, die vooral haar gezicht laat zien op scholen. Het is immers van belang om agressief gedrag zo jong mogelijk aan te pakken.

Meer informatie over de stichting, die een lieveheersbeestje als symbool heeft, vindt u op www.zinloosgeweld.nl




Door Boudewijn Otten

Gepest? Enkele tips

Nederland is een pestland, net als alle andere landen trouwens. Overal waar mensen in groepen verkeren worden mensen gepest. En wie loopt de grootste kans om slachtoffer van pestkoppen te worden? Juist, iemand die opvalt. Iemand met een vlekje bijvoorbeeld.


Pesten.

Sommige mensen doen er makkelijk over, maar je zult er maar het slachtoffer van zijn. Eens gepest, altijd gepest, lijkt het wel. Kinderen die worden gepest, groeien vaak uit tot volwassenen die worden gepest. Het kleeft aan sommige mensen: haha, dat is er één die we kunnen pesten. Pestkoppen voelen haarfijn aan wie ze moeten hebben. En daar komt bij: pesten is besmettelijk. Heel besmettelijk. Het woord is niet voor niets afgeleid van de pest, de ziekte die in de middeleeuwen hele steden ontvolkte. Als Jan Peter pest, is Peter al snel het slachtoffer van Henk, en dan hoeven we maar even te wachten voordat Peter de pispaal is van Rita, Maria en Johan. Enzovoort, enzovoort.


Uitsluiten en insluiten

Waar groepen mensen of dieren bijeen zijn, is het soms nuttig om de binding in de groep te versterken door één of meer groepsleden uit te sluiten. Groepsdieren als de mens lijken wel over een zesde zintuig te beschikken dat hen in staat stelt razendsnel te bepalen wie er wél bij hoort en wie niet. Uitsluiten en insluiten, het zit ons in het bloed. Het is nuttig, maar daarom niet minder pijnlijk voor degenen die wórden uitgesloten. Of het nou op het plein is van de kleuterschool is of op kantoor, dé methode voor uitsluiting is: pesten.

Pesten is iets anders dan plagen, menen pestdeskundigen. Plagen heeft iets speels. Een plager test de geplaagde op weerbaarheid, hij zoekt grenzen op met incidenten. Plagen heeft iets wederkerigs, de ene keer is Piet de plager, de andere keer Jan. De rollen liggen niet vast. Maar als een plager steeds hetzelfde slachtoffer kiest en hem aanhoudend op de korrel neemt, ja, dán spreek je dus over pesten.


Gehandicapten vaker gepest

Iemand die anders is, loopt een groter risico om gepest te worden. De stichting Handicap & Studie concludeert uit eigen onderzoek dat een gehandicapte vijf (!) keer zoveel kans loopt om te worden gepest. Jongerenplatform Jopla rapporteert dat veel gehandicapte jongeren naar een school in het speciaal onderwijs gaan omdat ze het op een gewone school niet kunnen bolwerken. Niet vanwege hun handicap, maar vanwege het feit dat ze met hun handicap worden gepest. Op de speciale school gaat het in veel gevallen beter met deze jongeren. Opmerkelijk genoeg omdat ze op de speciale school niet speciaal zijn, maar gewoon.

Het kan natuurlijk niet. 130 duizend Nederlandse scholieren, want zo veel leerlingen zijn het slachtoffer van pesterijen, kun je niet onderbrengen in scholen waar ze niet opvallen. Het is wel mogelijk om het pesten een halt toe te roepen. Als het slachtoffer de pestkop vraagt om op te houden, werkt dat vaak averechts. Net zoals het zichtbaar inschakelen van hogergeplaatsten (de leraar, de ouders of de baas) er vaak toe leidt dat het pesten verhevigt. Nee, zo tippen pestdeskundigen, stap 1 in iedere succesvolle poging om het pesten te beëindigen, is praten met iemand die je vertrouwt. Dat kan dus best een vader of een moeder zijn, een leerkracht, een collega of de baas.


Ik-boodschappen

Het praten met een vertrouweling is een moeilijke stap, voor veel pestslachtoffers zelfs de moeilijkste. En het pestslachtoffer moet ook nog eens heel alert zijn, want het is noodzakelijk om de vertrouweling ervan te overtuigen dat ie niet meteen tot actie moet overgaan. Een overhaast ingrijpen van een welwillende vertrouweling kan eenvoudig uit de hand lopen. Want er is maar één persoon die de kastanjes uit het vuur moet halen en dat is het slachtoffer.

Voor jezelf opkomen is de sleutel voor de oplossing. Mensen die worden gepest hebben de neiging de problemen uit de weg te gaan door zich terug te trekken. Ze doen precies wat de pestkop wil: ze werken mee aan hun eigen uitsluiting. Ze doen er beter aan om de confrontatie aan te gaan. Maar ze hoeven geen ruzie te zoeken. Beter niet zelfs, want pestslachtoffers zijn daarin vaak niet erg bedreven. Nee, ze kunnen de pestkop het best rechtstreeks confronteren met wat zijn gedrag hen doet. Psychologen raden aan om die confrontatie te verpakken in ik-boodschappen: ik vind het niet fijn dat je dat over me zegtik vind dat ik er wél leuk uitzie, wat jij van me vindt maakt mij niet uit. Het voordeel van de ik-boodschap is dat het slachtoffer het initiatief in handen heeft. Doordat hij zijn gevoelens openbaar maakt, vergroot hij de kans dat iemand het voor hem opneemt. De pestkop zal misschien niet meteen ophouden, maar hij komt niet zomaar weg met zijn gedrag.


Internet

Het laatste jaar zijn er acties op touw gezet om het zogeheten digitale pesten tegen te gaan, pesten via de computer. Omdat contact op afstand plaatsvindt, is de toon vaak directer en harder. Daders zien immers niet de gevolgen van hun acties. Misschien daarom dat digitaal pesten zo’n hoge vlucht neemt. Minstens dertig procent van de jongeren krijgt te maken met scheldkanonnades en roddels via mail, msn en andere chatprogramma’s.

De computer uitzetten helpt een beetje, maar je kunt hem ook gebruiken om hulp te vragen. Internet biedt te kust en te keur sites waar slachtoffers kunnen doen wat ze het beste kunnen doen: contacten aanknopen met lotgenoten of praatpalen. Hiermee zetten ze de eerste stap in de route die leidt naar de oplossing van het probleem: praten. En via internet is die stap misschien net even makkelijker dan in het echte leven.

 

Op het werk

Pesten op de werkvloer wordt internationaal aangeduid met mobbingmob (mafia), verstaan de pestspecialisten: systematisch vernederend, intimiderend of vijandig gedrag gericht op steeds dezelfde persoon, die zich hiertegen niet effectief weet te verweren. Eén op de vier Nederlandse werknemers is er tijdens zijn loopbaan het slachtoffer van. De schattingen lopen uiteen, maar mogelijk worden er op dit moment 250 duizend mensen gemobd. Dat valt af te leiden uit de evaluatie van de Arbeidsomstandighedenwet die in het jaar 2000 plaatsvond. Diezelfde evaluatie geeft aan dat de gevolgen van pesten op de werkvloer flink in de papieren kan lopen. Uiteindelijk 45 duizend euro per geval, zo becijferden de onderzoekers. Niet voor niets proberen bedrijven pesten tegen te gaan door pestprotocollen in hun reglementen op te nemen.

Meer informatie: www.pestweb.nl, www.jopla.nl, www.pesten.net, www.zinloosgeweld.nl/pesten.asp, www.kindertelefoon.nl, www.handicap-studie.nl, www.stopmobbing.nl. Jongeren kunnen tussen twee en vijf uur ’s middags gratis de hulplijn van pestweb bellen: 0800-2828280


terug

Verander lettertype Print deze pagina Contact Informatie